Uit de regio
Drie voorbeelden van regionale methodiek van participatie in de eerste lijn
In Sterk naar Werk is bottum-up geëxperimenteerd in pilots van een jaar waardoor verschillende vormen van participatiezorg in de eerste lijn zijn ontstaan. Eerste lijnsprofessionals hebben op basis van de lokale situatie gekozen voor een passende aanpak om participatiezorg vorm te geven. De vijftien regio’s die hebben geparticipeerd in Sterk naar Werk zijn: Almere, Amsterdam-Osdorp, Amsterdam-Zuidoost, Breda, Deurne, Haaksbergen, Haarlem, Hardenberg, Helmond, Landgraaf, Malden, Noordwijk, Ruurlo, Tilburg en Veldhoven. Hier beschrijven we drie exemplarische voorbeelden met een verschillende regionale invulling van participatiezorg in de eerste lijn.
Landgraaf: versterken van de participatiezorg in Landgraaf
In de regio Landgraaf hebben huisartsen, een praktijkondersteuner huisartsenzorg GGZ (POH-GGZ) en een consulent van MEE met een bedrijfsarts samengewerkt in een gezondheidscentrum. Gezien de locatie van het gezondheidscentrum heeft de dienstverlening in de pilot zich vooral gericht op een kwetsbare doelgroep:
- mensen met een laag inkomen en/of grote afstand tot de arbeidsmarkt;
- mensen met fysieke, psychische of psychosociale beperking;
- mantelzorgers en vrijwilligers.
De pilot sloot daarmee aan op de gedachte van een duurzame vitale regio die de 8 gemeenten in de regio Parkstad (Brunssum, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Nuth, Onderbanken, Simpelveld en Voerendaal) voorstaat en biedt een aanpak voor de multifactoriële problematiek die ze in de regio constateert: krimp, laag sociaal economische status, werkeloosheid, ongezonde leefstijl. Gemeenten in de regio Parkstad vinden het belangrijk dat iedereen die in de toekomst een bijdrage levert aan het participeren aan onze maatschappij het verdient om de juiste hulp en steun te krijgen. De doelgroep waarop de activiteiten van het gezondheidscentrum zich richt hebben vaardigheden zoals zelfmanagement en eigen regie nodig om meer weerbaar en vitaler te worden. Uit het onderzoek blijkt dat de aanpak werkt. Cliënten is gevraagd een rapportcijfer te geven voor vier aspecten van hun leven. De scores vertoonden vier maanden na het eerste spreekuurcontact een significante verbetering, in bijzonder wat betreft de toekomstmogelijkheden en de kans op werk. Door begeleiding wordt de complexe problematiek waarvoor mensen hulp zoeken, meer hanteerbaar.
Het vervolg en de opties voor financiering
De gemeente Landgraaf heeft interesse in het vervolg omdat ze de grote groep mantelzorgers extra wil ondersteunen met zorg en begeleiding. Ook de arbodienst Licom Arbo is geïnteresseerd in het project om een structurele samenwerking met huisartsen in Parkstad te creëren. De motivatie is enerzijds effectievere zorg aan cliënten en het verminderen van het shopgedrag en anderzijds efficiënter omgaan met de beschikbare tijd. Ze schatten in dat dit voor hen een reductie van uitvoeringskosten zou kunnen opleveren van € 50.000 per jaar.
In oktober 2010 wordt gestart met structurele casuïstiekbespreking waar gezamenlijke cliënten besproken worden om tot een gezamenlijk aanpak te komen. Uiteindelijk is het de bedoeling om deze vorm van overleg en afstemming met de eerstelijn uit te breiden.
De webtool VraagWelder van Sterk naar Werk kan hiervan een onderdeel zijn.
De ambitie is om ‘Participatiezorg in de 1e lijn’ te gaan aanbieden aan de gehele Landgraafse populatie: 24.500 mensen in de leeftijd van 19-64 jaar. In een later stadium zou deze participatiezorg voor alle 255.000 inwoners van de 8 gemeenten binnen de Parkstad regio beschikbaar worden. De gesprekken hierover zijn in volle gang.
Naast de gemeente Landgraaf vinden we dat de zorgverzekeraars hierin zouden kunnen participeren om hierin hun preventiebeleid vorm te geven. Tot onze spijt hebben eerdere contacten met CZ en UVIT voor dit vervolg nog niet tot resultaat geleid.
Licom Arbo is de arbodienst van Licom nv. Licom nv is een maatschappelijke onderneming die diensten verleent op het gebied van arbeidstoeleiding. Ze is de grootste sociale werkvoorzieningorganisatie in Nederland en thans een van de grootste bedrijven in Limburg.
Noordwijk: participatie in de geïntegreerde 1e lijn, de eerstelijns bedrijfsarts
Huisartsen in Gezondheidscentrum Wantveld verwijzen al jaren cliënten met gezondheids-klachten in relatie met werk door naar een op het gezondheidscentrum aanwezige bedrijfsarts. Er is een inmiddels een goede praktijk van doorverwijzen ontstaan en is er een gezamenlijke benadering voor het bevorderen van zelfregie van de cliënt ontwikkeld.
Resultaten van de Sterk naar Werk pilot Noordwijk in 2009 - 2010
In totaal zijn in betreffende periode 116 cliënten bereikt. Gebleken is dat door de specifieke aandacht voor het functioneren van de cliënt en specifieke kennis over de (werk)situatie, het zelfmanagement van de cliënt werd vergroot. Van specifieke groepen cliënten, zoals met spanningsklachten, blijkt de mate van zelfvertrouwen en zelfmanagement vaak laag te zijn. Ook ontbreekt bij de medewerkers van GC Wantveld de kennis over rechten en plichten richting werkgever en/of eigen bedrijfsarts. De bedrijfsarts van de werkgever bleek men vaak als bedreigend te ervaren. De 1e lijnsbedrijfsarts in GC Wantveld is een laagdrempelige, onafhankelijke en toegankelijke zorgverlener gebleken, met een goede kennis van werk om de cliënt te begeleiden, te informeren en inzicht te geven en zo het zelfmanagement te verhogen.
Het vervolg en de opties voor financiering
In eerste instantie wordt de focus gericht op cliënten met diagnose (over)spanningsklachten (ICPC codes: Neurasthenie/surmenage; problemen met werksituatie en angstig/nerveus/gespannen gevoel) en die daardoor problemen ervaren of dreigen te krijgen in hun functioneren. Het gaat om 220 consulten per jaar (2% van het totaal) binnen GC Wantveld waarbij nu de diagnose (over)spanningsklachten wordt gesteld. Op termijn kan naast deze groep ook anderen cliëntgroepen worden bereikt die belemmeringen ervaren in hun functioneren. In bijzonder cliënten met klachten aan het bewegingsapparaat, depressieve klachten, chronische aandoeningen (zoals diabetes, hartfalen en COPD), kanker, zwangeren en psychosomatische klachten. Het streven is om in komende jaren 250 tot 420 cliënten per jaar te gaan bereiken. Daarnaast zal worden nagegaan of ook andere dienstverleners in Noordwijk en omgeving van deze dienstverlening voor cliënten met (over)spanningsklachten gebruik willen (gaan) maken.
Gebleken is dat kosten voor verzuim of uitval hoger zijn naarmate het verzuim langer duurt. In het GC Wantveld zal de link naar blijven participeren in werk al in een vroeg stadium worden gelegd. Deze vroege interventie die gebaseerd wordt op de geldende protocollen (huisartsen en bedrijfsartsen) zorgt ervoor dat er vanaf het begin de best mogelijke behandeling wordt ingezet, waarbij alle aspecten worden meegenomen op gebied van gezondheid (fysiek en psychisch), werk en privé/maatschappelijk. Verzuim of uitval worden zo tot een minimum beperkt. De verwachting is dat met de integrale benadering ook de zorgkosten kunnen worden teruggedrongen. Juist bij de groep cliënten met (over)spannings¬klachten is veel winst te behalen door een tijdige preventieve aanpak zoals is aangetoond met het invoeren van het ‘protocol psychische problemen’ van de NVAB.
In het GC Wantveld zal de webtool VraagWelder worden gepresenteerd en ten behoeve van de professionals en de cliënten op maat verder worden ontwikkeld. Naast een verwijzing door de huisarts e.a. zal aangestuurd worden op een triage-model en werkvormen waarbij cliënten zelf ook het initiatief kunnen nemen. De aanwezigheid van een bedrijfsarts en de webtool op locatie maken een vroege interventie op maat mogelijk.
Voor de financiering zal in komende maanden contact worden gelegd met de belangrijkste zorgverzekeraars in Noordwijk en omgeving, met name Zorg en Zekerheid (en mogelijk UVIT, Achmea en CZ). Daarnaast zal de gemeente Noordwijk worden benaderd voor wat betreft mensen in de thuiszorg en mantelzorgers. In een later stadium wordt overwogen om ook bedrijven in Noordwijk en omgeving in het kader van de collectieve contracten als potentiële financiële partners te gaan betrekken.
Ruurlo: arbozorg en zelfregie voor MKB en ZZP-ers samen met de eerste lijn
In de regio Ruurlo heeft een zelfstandig bedrijfsarts zich in samenwerking met huisartsen in Ruurlo, Borculo, Lochem en Vorden gericht op de doelgroep MKB en Zelfstandigen zonder personeel (ZZP’ers). De dienstverlening betrof het bieden van arbozorg en verzuimbege-leiding voor MKB en ZZP-ers, waarbij preventie, zelfregie en de betrokkenheid van de levenspartner (in bijzonder bij ZZP-ers) een belangrijke rol speelt.
In de praktijk blijkt dat meerdere MKB bedrijven nog geen contract voor arbodienstverlening hebben afgesloten of zoeken naar alternatieven voor arbodiensten. Maatwerk is voor hen essentieel en zelfstandige bedrijfsartsen kunnen die zorg verlenen.
Structurele arbozorg voor ZZP-ers bestaat in Nederland nog niet en producten die gericht zijn op gezondheidsbescherming, en -bevordering en duurzame arbeidsparticipatie voor deze doelgroep zijn dun gezaaid. De passie van de ZZP-er kan leiden tot onderschatting van een aantal risico’s in het werk en privé, verlies aan controle over het leven en uiteindelijk ziekte, gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid, verminderd levensgeluk en faillissement. Herkennen en beheersen van deze risico’s, arbozorg op maat en de kunst van zelfregie is winstgevend. Het draagt bij aan gezondheid en levensgeluk en levert geld op, doordat de productiviteit en continuïteit van de onderneming positief worden beïnvloed.
Resultaten van de pilot Ruurlo in 2009 – 2010
De meerwaarde is o.a. in beeld gebracht met een SROI-ratio die in Ruurlo uitkwam op 1,18, hetgeen betekent dat iedere geïnvesteerde euro 1,18 euro oplevert. De cliënten hebben de individuele zorg als zeer nuttig en positief ervaren. Iemand die tijd voor hen neemt en gerichte adviezen geeft waar ze praktisch wat mee kunnen. Ook het feit dat ze een zelfstandig bedrijfsarts kunnen spreken wordt als een voordeel beschouwd. Dit wordt ook door de 1e lijnsprofessionals zo gezien. In de meeste gevallen geeft men aan dat men voldoende middelen aangereikt heeft gekregen in één gesprek en zijn vervolgconsulten niet nodig gebleken. De deelnemende huisartsen hebben ook aangegeven de meerwaarde te zien van een bedrijfsarts in de 1e lijn en geven tevens aan dat hun kennis m.b.t. arbeid en gezondheid is toegenomen. Ook gaven de huisartsen aan dat ze meer patiënten (voor zover in loondienst) naar hun eigen bedrijfsarts doorverwezen, wat een positief bijeffect is. De mogelijkheid voor een second opinion consult werd, al waardevol beschouwd.
Hoewel veel aan promotie was gedaan bedroeg de instroom 30 patiënten, waarvan 10 ZZP-ers. In totaal zijn 43 gesprekken gevoerd, waarvan sommigen met levenspartner. Merendeels verwijzingen door huisartsen, een enkele verwijzing door een praktijkondersteuner of eigen aanvraag voor een consult. Met enkele MKB bedrijven werd een contract voor arbodienst-verlening afgesloten. Uit individuele consulten en diverse gesprekken met ZZP-ers, evenals uit feedback van presentaties aan enkele ZZP kringen blijkt men interesse te hebben in deze nieuwe dienstverlening. Een zelfstandig bedrijfsarts als mede ondernemer die diensten verleend aan andere ondernemers wordt door velen als een sterk verkoopargument beschouwd. Dit geldt ook voor kleine MKB bedrijven. Positionering in een (betrouwbare) 1e lijns gezondheidspraktijk verstevigt deze opinie, evenals samenwerking met ZBA-netwerk, een landelijk netwerk van zelfstandige bedrijfsartsen, waardoor de reikwijdte van dit initiatief potentieel groter is.
Vervolg en financiering
Een bedrijfsplan is geschreven om dit project te continueren. Innovaties vragen nu eenmaal tijd. Behalve bijscholing voor huisartsen, zal er meer nadruk worden gelegd op workshops en trainingen over arbozorg, verzuimbegeleiding, preventieve maatregelen en zelfregie voor ZZP-ers en MKB. Inkomsten- en ziektekosten verzekeraars zouden potentiële financiers kunnen zijn. Nieuwe initiatieven bij Menzis m.b.t. een mogelijke collectieve AOV voor ZZP-ers zijn hoopgevend en gunstig voor de inzet van zelfstandige bedrijfsartsen.
